donderdag 22 september 2011

Een klein manifest: bedonderen

Als journalist duurzaamheid en mode streef ik een ideaalbeeld na. Dit beeld gaat over geloof in nieuwe waarden en een nieuw moraal, omdat ik vind dat de huidige maatschappij een redelijk moraal en evenwicht tussen ‘people, planet en profit’ mist.

Terwijl de naoorlogse generaties genoegdoening vonden in werken en consumeren, doorzagen de hippy- en punkgeneraties de problemen van een kapitalistische maatschappij. En inderdaad, gaandeweg eist een overvloed aan kleding- en voedselproducties zijn tol van mens en milieu. Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) staat mede hierdoor hoog op de vele agenda’s. Toch lijkt MVO als stroop, die aankleeft bij bedrijven.

Een handjevol bedrijven buit niet alleen producenten in ontwikkelingslanden uit, ook laat het op grote schaal milieuonvriendelijk produceren. En laat de consument zich bedonderen. De industrie misleidt om verkoop te bevorderen. Zij levert producten van een slechte kwaliteit, zoals voedsel met weinig voedingswaarde en veel toevoegingen met schadelijke effecten. Is het niet vreemd dat kinderen na het eten van snoep hyperactief zijn of futloos na een zak chips? Zelfs een grote groep specialisten ziet een verband tussen ongezonde Westerse voeding en kanker.

Stoutweg winst genereren, past niet meer in de huidige maatschappij. Het wordt tijd dat bedrijven MVO goedweg als een ronkende motor voor de toekomst zien en streven naar een gezonde maatschappij voor hun eigen kinderen en de generaties na hen.

Copyright © Yildiz Celie

woensdag 27 juli 2011

Zeeman weet niet wat haute couture en ketenverantwoordelijkheid is

In Het Parool werd aandacht besteed aan de marketingstunt van Zeeman tijdens Amsterdam Fashion Week. Sommige uitspraken daarin stoorden mij ontzettend.

“Merken zijn lucht”, zegt het concern. Een duidelijk statement, want een merk is ook maar een merk en mode is tegenwoordig voor iedereen bereikbaar door goedkope productiemogelijkheden.

Maar bij dat laatste ligt nu juist het probleem. Met de redenering van ‘Mensen moeten mode niet zo serieus nemen. Het is niet alsof we met ons werk levens redden’ gaat Zeemanstyliste Beatrice Holly dan ook voorbij aan de ketenverantwoordelijkheid van onder andere Zeeman, maar ook van bijvoorbeeld H&M en C&A. Want de meeste ketens produceren in de lagelonenlanden, waar fabrieksarbeiders meestal worden onderbetaald en meer dan twaalf uur op een dag werken.

En wat betreft de persaandacht die het pr-bureau dacht te creëren door met grootse termen als haute couture en prêt-à-porter te strooien: dit zijn termen die tegenwoordig ook in Nederland worden onderwezen in fashion theory, termen die niet zomaar vrijelijk mogen worden gebruikt. De term haute couture gaat voor de Zeemancollecties in geen geval op, want dit beoordeelt de Chambre Syndicale in Parijs wel. De term haute couture betekent vakkundig, op maat en vaak handgemaakt. De enige toegelaten Nederlandse haute couture-ontwerper is Iris van Herpen, dankzij haar FW2011-collectie. Prêt-à-porter oftewel ready-to-wear zijn de eenvoudigere en betaalbaardere versies geïnspireerd op de haute couture-collecties.

De catwalkshow van Zeeman onder de merknaam Frank had geen haute couture of prêt-à-porter in zich. Dit bedrijf showde gewoon een opgeleukt massaproduct. En met het oog op de toekomst hoop ik echt dat zulke ketens tijdens de productiefase verantwoordelijkheid op zich nemen ten opzichte van mens en milieu.

Dit artikel is gepubliceerd in Parool op zaterdag 23 juli in de rubriek 'Het Laatste Woord' op p43.

donderdag 21 juli 2011

Toekomst van Hoornse polder duurzaam ondernemen

HOORN - "De tijd van 'grijze sokken' is voorbij. Deze heeft plaatsgemaakt voor de stropdas”, opende organisator en moderator Jan Vriend 8 juli bij de bijeenkomst 'West-Friesland voorop in Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen' (MVO). Dit werd georganiseerd door Gemeente Hoorn en Rotaryclub Hoorn De Compagnie in de Noorderkerk.

Het programma gevuld met een reeks inspirerende sprekers, zoals oud-staatssecretaris van Economische Zaken Anneke van Dok, initiatiefneemster op het gebied van MVO, wethouder Peter Westerberg (D66) over Hoorn als Millenniumgemeente en Jan Rotmans, voorzitter stichting Urgenda. Jan Rotmans drukte de ondernemers op de borst: “Wie nu niet kiest voor MVO, heeft over 15 jaar geen bestaansrecht meer.” Een hard feit, want duurzaamheid zal als motor voor de economie moeten gaan dienen.


En de mogelijkheden, de informatie en de hulp zijn er. De ISO 26000 norm, die elk bedrijf kan doorvoeren, gericht op onder andere mensenrechten, milieu en maatschappelijke betrokkenheid. Maar ook de mogelijkheid tot aansluiting bij de campagne van werkgroep Fairtrade gemeente Hoorn, ter bevordering van de verkoop van eerlijke producten en het toepassen van een MVO beleid. Doelgericht, om in de nabije toekomst Gemeente Hoorn als Fairtrade gemeente te kunnen uitroepen.

Om te bewijzen dat juist met duurzaam ondernemen winst haalbaar is, presenteerden ruim 22 bedrijven binnen de sector wonen, werk en voeding hun initiatieven. Dit varieerde van eerlijke kleding tot fairtrade en MVO gecertificeerde bedden van Lavital tot verantwoord drukwerk en informatie over duurzaam bouwen, zonne-energie en de bouw van een ecologisch zeilschip, de Ecoliner, waarin men kan investeren.

Door 50.000 MKB’ers en ZZP’ers uit Noord Holland te verbinden, kunnen mooie duurzame initiatieven ontstaan. Een goede reden voor oprichten van een innovatienetwerk: ‘Toekomst in de Kop' ofwel ‘Polderhub’, een initiatief van Urgenda en Meneer de Leeuw, gesponsord door de provincie Noord Holland. Kijk voor meer informatie op www.mvonederland.nl.

Beeld: lavital.nl

Dit verslag is gepubliceerd in de weekkrant Hoorn deze Week

maandag 18 juli 2011

Tweede editie The Green Fashion Competition van start

Biodiversiteit, ‘People, Planet en Profit’, MVO en duurzaamheid. Allemaal termen waarmee de strijd tegen slechte sociale omstandigheden en grote milieuschade bij kledingproductie wordt aangeduid. Om de waarde van biodiversiteit voor de samenleving te benadrukken en om de overgang naar een duurzame (mode)economie te stimuleren, organiseert de Amsterdam Fashion Week (AIFW) voor de tweede keer de Green Fashion Competition samen met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV). Christiaan Maas van OAT Shoes en Lonneke Engel gaven afgelopen zaterdag de aftrap voor de tweede editie van de duurzame modewedstrijd. Tot 30 september 2011 kan iedereen met een visie op 'de toekomst van de mode' zich als individu of als team inschrijven.

Als deelnemer ontwerp je drie outfits en schrijf je een businessplan waarin je uitlegt hoe jouw ideeën bijdragen aan het behoud van biodiversiteit. De finale vindt plaats tijdens de 16e editie van AIFW in januari 2012. Anders dan bij de eerste editie, is de wedstrijd nu verdeeld in twee categorieën. De eerste categorie is bedoeld voor modeondernemers die op dit moment al werkzaam zijn in de mode-industrie en die hun bedrijf (internationaal) naar een hoger plan willen tillen. De eerste prijs in deze categorie is 25.000 euro. De tweede categorie is voor jonge en startende modecreatieven die bezig zijn een onderneming op te zetten en kans willen maken op een prijs van 15.000 euro.

Lonneke Engel in duurzaam label Twin Couture

De verwachtingen waren hoog gespannen tijdens de vernissage van The Green Fashion Competition. Bezoekers werden naar een donker machinegebouw geleid, waar aan het plafond een grote installatie hing van OAT schoenen, de tweede prijswinnaar van de eerste editie. Ondanks dat in het donker nog niet zoveel te zien was, was de installatie van Roosmarijn Vergouw indrukwekkend. Aan de muur waren vier ingeverfde, lekker ruikende lederen lappen te onderscheiden met daarvoor de vier nieuwe modellen. Na een korte videopresentatie van de nieuwe sneakermodellen werd het startsein gegeven voor de inschrijvingen van de volgende Green Fashion Competition door ambassadrice Lonneke Engel, oprichtster van Organiceyourlife.com.

De vier winnende sneakermodellen van de Virgin Collectie van OAT zijn voor de nieuwe Limited Skin Collectie elk uitgevoerd in een kleur van het biologisch afbreekbaar leder. Het gecertificeerde ‘cradle to cradle’ leer is ontwikkeld in samenwerking met Hulshoff Leer. Dirk-Jan Oudshoorn, mede-oprichter het schoenenmerk, lichtte toe: “In de provincie Gelderland konden we subsidie krijgen voor de ontwikkeling van bio-based producten. We zagen in Hulshoff Leer een geschikte partner en toen hebben wij samen een aanvraag ingediend voor de ontwikkeling van ‘sustainable’ leer.” De bedrijven maken gebruik van het restproduct uit de vleesindustrie uit Duitsland en Nederland. Hierbij kan men (nog) niet aanduiden of het leer biologisch is.


Na het winnen van de tweede prijs bij de eerste editie van The Green Fashion Competition is OAT shoes in korte tijd erg succesvol geworden. Het duurzame schoenenlabel verkocht in een half jaar tijd via de webshop aan vijftien Europese landen en het merk verkoopt momenteel in twaalf winkels in Duitsland, België, Spanje en Nederland. De nieuwe collectie is de kleuren rood, bruin, blauw en groen uitgevoerd. Er zijn van deze Limited Skin Collection in totaal slechts 340 items geproduceerd. De productie hiervan vindt in Bulgarije plaats. OAT Shoes zit ook aan tafel met ArtEZ om in oktober/ november workshops te verzorgen.

Er was ook nog wat gemopper na de korte presentatie. Want waarom was er geen show van eerste prijswinaar Elsien Gringhuis? En waarom vertelde men niet meer over het proces achter het biodregradable leer? Elsien Gringhuis zullen we in ieder geval in een later stadium van de wedstijd terugzien. De organisatie van The Green Fashion Competition toonde ook nog een videocompilatie van de vijf principes ‘to sustain fashion’, maar hiervoor was de setting niet echt geschikt, want deze was slecht te volgen.

Dit artikel is gepubliceerd op Fashionunited.nl.

Foto's: Peter Stigter